2.3 Beweeggedrag van mensen met dementie

Mensen met dementie bewegen vaak weinig en beduidend minder dan leeftijdsgenoten zonder dementie. Dit verschil geldt voor zowel licht intensief als zwaar intensief bewegen. Zwaar intensief bewegen leidt tot zwaarder ademhalen, hijgen en moeilijker praten. Mensen met dementie bewegen 0,8 uur per week matig tot zwaar intensief, tegenover 1,5 uur per week bij leeftijdsgenoten zonder dementie19. Voor licht tot matig intensief bewegen, waarbij een verhoogde hartslag of versnelde ademhaling ontstaat, is het verschil 2,7 uur versus 3,5 uur19.

2.3.1 De beweegrichtlijnen

De Nederlandse Gezondheidsraad adviseert hoeveel en welk type beweging nodig is voor een goede gezondheid. Voor mensen met dementie geldt dezelfde beweegrichtlijn als die voor senioren in het algemeen:

De beweegrichtlijnen
  • Bewegen is goed, meer bewegen is beter.
  • Doe minstens 150 minuten per week aan matig of zwaar intensieve inspanning, verspreid over diverse dagen. Langer, vaker en/of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.
  • Doe minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten, voor senioren gecombineerd met balansoefeningen.
  • En: voorkom veel stilzitten.

 
Lukt het mensen met dementie niet om te voldoen aan de beweegrichtlijnen, dan is het belangrijk dat ze veilig en met regelmaat bewegen. Bewegen heeft namelijk altijd positieve effecten op de gezondheid, ook wanneer iemand minder beweegt dan de beweegrichtlijnen aangeven. Wanneer iemand van ‘helemaal niet bewegen’ naar ‘een beetje bewegen’ gaat, zorgt dit al voor een eerste grote gezondheidswinst5. De sterkste gezondheidseffecten ontstaan echter wanneer iemand structureel voldoende zwaar intensief beweegt, bijvoorbeeld hardlopen of krachtig zwemmen (borstcrawl) – mits dit haalbaar en veilig is.

Zowel onderzoek als professionals uit de praktijk geven aan dat een beweegactiviteit voor mensen met dementie niet langer dan 30 tot 45 minuten per keer moet duren13. Duurt een activiteit langer, dan kan men afhaken. Daarnaast lijken de betere gezondheidsresultaten ook op te treden bij beweegactiviteiten van maximaal 30 tot 45 minuten per keer, die minimaal vier keer per week gegeven worden20. Dit draagt bij aan het voldoen aan de beweegrichtlijnen.