4.1 Bevorderende en belemmerende factoren om te bewegen

De vraag naar de reden waarom mensen met dementie wel of niet bewegen is voorgelegd aan mensen met dementie, hun mantelzorgers en fysiotherapeuten. Mensen met dementie en hun mantelzorgers gaven vooral de positieve effecten en daarmee bevorderende factoren aan, terwijl fysiotherapeuten met name de belemmeringen noemden42.

De vijf belangrijkste bevorderende factoren volgens mensen met dementie zelf:
  • positieve effecten op de gezondheid;
  • verbetering van fysieke fitheid;
  • behouden van flexibiliteit;
  • buiten in de natuur zijn;
  • behouden van zelfredzaamheid;.

 

Mantelzorgers noemden eveneens de gezondheids- en fysieke voordelen als belangrijkste redenen. Daarnaast gaven zij aan dat het helpt als er begeleiding aanwezig is, en dat plezier en goed weer bevorderende factoren zijn. Fysiotherapeuten zagen vooral verlies van initiatief als de grootste belemmering voor bewegen. Andere belemmeringen zijn pijn en vermoeidheid. Bevorderende factoren zijn het ervaren van plezier en behoud van zelfredzaamheid.

Ander onderzoek onder specifiek mantelzorgers laat vergelijkbare bevorderende factoren zien: tevredenheid en het plezier van iemand met dementie tijdens het bewegen, de gezondheidsvoordelen, het behoud van een routine en sociale verbondenheid43. Belemmeringen die zij ervaren zijn een beperkte motivatie bij een persoon met dementie en obstakels in de fysieke omgeving, zoals onveilige wandelpaden43.

 

Belemmeringen op verschillende niveaus

De factoren die lichamelijke activiteit bij mensen met dementie beïnvloeden, zijn onder te verdelen in drie niveaus, namelijk: intrapersoonlijk, interpersoonlijk en gemeenschap44.

  • Intrapersoonlijk: algemene gezondheid, cognitieve problemen, gedragsproblemen en het niet leuk vinden van het soort beweegaanbod.
  • Interpersoonlijk: twijfel of zorgen van de naasten en een tekort aan begeleiding.
  • Gemeenschap: beperkt beweegaanbod in de buurt, slechte bereikbaarheid, onveilige omgeving en weersomstandigheden.
  • buiten in de natuur zijn;
  • behouden van zelfredzaamheid;.