3.2 Beweegstimulering: mogelijkheden en tips

Iedereen die betrokken is bij iemand met dementie, kan dus een rol spelen bij het in beweging brengen van deze persoon. Dit is niet altijd makkelijk, maar kan op verschillende manieren worden aangepakt. Hieronder vind je per betrokkene/professional praktische tips om invulling te geven aan de gewenste rol en zo meer bewegen te stimuleren.

Naasten

Bijvoorbeeld: familie, mantelzorgers
Als naaste ben je vaak de brug tussen wat iemand met dementie zou kunnen doen en wat daadwerkelijk gebeurt. Je kent de persoonlijke geschiedenis, smaak, voorkeuren, beperkingen en mogelijkheden. Als naaste kun je beweging inbouwen in dagelijkse routines (zoals bij aankleden, koken, tuinieren), aanmoedigen tot wandelen of samen bewegen, beslissen over hulpmiddelen of oorzaken van belemmeringen (zoals pijn of medicatie) signaleren.

Praktische tips

Als naaste kun je beweging stimuleren door het subtiel onderdeel te maken van alledaagse bezigheden. Dit maakt het laagdrempelig en vertrouwd:

  • Laat de persoon helpen bij het koken (roeren, snijden, tafel dekken).
  • Stimuleer samen tuinieren: planten water geven, bladeren harken.
  • Maak van aankleden een actief moment: zelf sokken aantrekken, armen strekken.
  • Wandel samen naar de supermarkt of brievenbus, ook als het maar kort is.
  • Gebruik vaste momenten (zoals na het eten of tijdens het uitlaten van de hond) als routine voor een korte beweegactiviteit.

Aandachtspunten

Als naaste kun je om hulp of advies vragen van een professional, zoals de casemanager. Hiermee kun je jouw overbelasting voorkomen en bij de persoon met dementie de effectiviteit van bewegen vergroten:

  • Bespreek met een (geriatrie)fysiotherapeut of ergotherapeut welke beweging veilig en haalbaar is.
  • Let op signalen van pijn, vermoeidheid of medicatie-effecten en overleg waar nodig met de huisarts.

 

Zorg

Zorgprofessionals

Bijvoorbeeld: huisartsen / POH-Ouderen, specialist ouderengeneeskunde,
casemanagers dementie en wijkverpleging
Als huisarts, POH-Ouderen of specialist Ouderengeneeskunde heb je een centrale rol in het monitoren van de gezondheid van mensen met dementie. Je ziet patiënten in de praktijk en hebt een goed overzicht van de medische situatie, inclusief risico’s en beperkingen. Hoewel je minder vaak direct betrokken bent bij dagelijkse activiteiten, kun je beweging actief onder de aandacht brengen als onderdeel van gezond ouder worden.

Praktische tips

  • Bespreek bewegen standaard bij consulten, bijvoorbeeld bij medicatiecontrole of jaarcontrole. Probeer de consulten eens wandelend te doen.
  • Ga het gesprek aan met patiënten over hoe bewegen in hun dagelijks leven past, zodat beweging ook aansluit bij wat een patiënt graag doet.
  • Verwijs gericht naar lokale beweeginitiatieven, fysiotherapie of buurtsportcoaches.
  • Gebruik screeningsinstrumenten om mobiliteit en valrisico in kaart te brengen.
  • Stimuleer naasten om beweging onderdeel te maken van de dagelijkse routine.
  • Integreer bewegen in het zorgplan, bijvoorbeeld als interventie zonder medicijnen bij onrust of slaapproblemen.
  • Werk samen met andere disciplines om een passend en haalbaar beweegaanbod te creëren, afgestemd op de persoon en zijn of haar omgeving.

 

Als casemanager dementie en wijkverpleegkundige kom je aan huis, waardoor je zicht hebt op het dagelijks functioneren van mensen met dementie. Je bouwt een vertrouwensband op en kunt bewegen op een laagdrempelige manier stimuleren, bijvoorbeeld tijdens ADL-taken of door naasten tips te geven. Daarnaast kun je signaleren of extra ondersteuning nodig is.

Praktische tips

  • Stimuleer beweging tijdens zorgmomenten, zoals samen naar de badkamer lopen of actief helpen bij het aankleden.
  • Moedig patiënten aan om te blijven doen wat zij nog wel kunnen tijdens zorgmomenten en breidt dit langzaam uit.
  • Observeer veranderingen in mobiliteit en bespreek deze met het netwerk rondom de cliënt.
  • Adviseer over aanpassingen in de woning die veilige beweging bevorderen (zoals looproutes, stoelen met sta-op-hulp en het vermijden van vloerkleden). Schakel eventueel een ergotherapeut in.
  • Verwijs naar de buurtsportcoach of passende activiteiten in de buurt, zoals beweeggroepen of wandelclubs.
  • Werk samen met buurtsportcoaches en welzijns- en sportprofessionals om passend beweegaanbod te organiseren of door te verwijzen naar passend beweegaanbod.

 

(Geriatrie)Fysiotherapeuten

Als fysiotherapeut, en in het bijzonder geriatriefysiotherapeut, speel je een cruciale rol in het ondersteunen van mensen met dementie bij veilig en effectief bewegen. Je hebt specialistische kennis van ouderdomsgerelateerde aandoeningen en cognitieve beperkingen, en kunt daardoor goed inschatten wat fysiek haalbaar is. Je brengt valrisico’s en mobiliteitsproblemen in kaart, adviseert over kracht, balans en flexibiliteit, en ontwikkelt beweeginterventies op maat. Daarnaast kun je naasten en zorgprofessionals trainen in het begeleiden van oefeningen en het herkennen van signalen van overbelasting of terugval. Hun begeleiding draagt bij aan het behoud van zelfstandigheid, vertragen van cognitieve achteruitgang en het verbeteren van stemming en kwaliteit van leven van mensen met dementie.

Praktische tips

  • Start met een functionele nulmeting: breng in kaart wat iemand nog kan, welke bewegingen veilig zijn en welke belemmeringen er zijn (zoals pijn, angst, vermoeidheid of medicatie-effecten).
  • Stel haalbare en betekenisvolle doelen: werk samen met de persoon met dementie en zijn/haar netwerk aan doelen die aansluiten bij dagelijkse activiteiten en interesses. Kleine successen vergroten de motivatie en het zelfvertrouwen. Dit draagt bij aan een betere kwaliteit van leven.
  • Gebruik visuele ondersteuning en herhaling: bij mensen met geheugenproblemen werkt verbale uitleg minder goed. Hanteer het foutloos leren principe, waarbij je voorbeelden, pictogrammen en vaste routines gebruikt bij het aanleren en onthouden van (nieuwe) bewegingen.
  • Pas frequentie en intensiteit aan: begin rustig en bouw geleidelijk op. Regelmaat is belangrijker dan intensiteit.
  • Monitor voortgang en pas het plan aan: houd veranderingen in gezondheid, stemming of mobiliteit bij. Stem het beweegplan af met andere zorgprofessionals en naasten.

 

Overige paramedici

Bijvoorbeeld: apothekers, ergotherapeuten, diëtisten
Als apotheker, ergotherapeut of diëtist heb je een belangrijke rol in het signaleren van belemmeringen voor beweging bij mensen met dementie. Je kunt medische oorzaken zoals pijn, vermoeidheid, bijwerkingen van medicatie of meerdere chronische aandoeningen herkennen en aanpakken. Daarnaast kun je gericht doorverwijzen naar fysiotherapie, ergotherapie, dagbesteding of beweegprogramma’s. Door de centrale positie in de zorgketen kun je beweging opnemen in het zorgplan en afstemmen met andere disciplines en het sociale netwerk van de cliënt.

Praktische tips

  • Bespreek beweeggedrag structureel: vraag bij controles expliciet naar dagelijkse beweging, valangst, vermoeidheid en motivatie.
  • Evalueer medische belemmeringen: controleer op pijn, gewrichtsklachten, hart- en longproblemen, cognitieve achteruitgang of medicatie die mobiliteit beïnvloedt.
  • Verwijs tijdig en gericht naar (geriatrie)fysiotherapie, ergotherapie of lokale beweeggroepen zoals “Meer Bewegen voor Ouderen” of wandelclubs met begeleiding.
  • Stimuleer samenwerking met sport, welzijn en buurtinitiatieven: denk aan buurtsportcoaches, beweegmaatjes, vrijwilligersorganisaties of dagbesteding met een actief programma.
  • Integreer beweging in het zorgplan: benoem concrete doelen en acties, en monitor voortgang samen met naasten en andere betrokkenen

 

Sport en bewegen

Bijvoorbeeld: buurtsportcoaches, sport- en beweegleiders, sportverenigingen en (ondernemende) sportaanbieders en bewegingsagogen
Als sport- en beweegprofessional speel je een belangrijke rol in het activeren van mensen met dementie buiten de zorgcontext. Je biedt laagdrempelige en toegankelijke activiteiten die aansluiten bij de interesses, mogelijkheden en sociale behoeften van inwoners. Als buurtsportcoach vervul je hierbij vaak een verbindende rol tussen zorg, welzijn en sport, en werk je samen met lokale partners om passend beweegaanbod te organiseren. Als bewegingsagoog en sportleider kun je activiteiten op maat begeleiden, rekening houdend met cognitieve en fysieke beperkingen. Sportverenigingen en (ondernemende) sportaanbieders dragen bij door hun infrastructuur en aanbod open te stellen voor aangepaste vormen van bewegen, zoals wandelgroepen, beweegclubs of aangepaste sportlessen. Samen zorgen zij voor een veilige, stimulerende omgeving waarin mensen met dementie zich welkom en gezien voelen.

Praktische tips

  • Creëer een vertrouwde setting: zorg voor herkenbare routines, vaste gezichten en een rustige omgeving waarin deelnemers zich op hun gemak voelen.
  • Creëer een veilige setting voor een laag valrisico: let op dat er geen losse objecten op de vloer liggen en dat er stoelen in handbereik zijn als iemand even moet zitten.
  • Pas activiteiten aan op niveau en beleving: kies voor eenvoudige, herhalende bewegingen en activiteiten die aansluiten bij vroegere interesses of gewoontes.
  • Stimuleer sociale interactie: combineer bewegen met ontmoeting, bijvoorbeeld door groepsactiviteiten met ruimte voor gesprek en contact.
  • Werk samen met zorg- en welzijnsprofessionals stem af over deelnemers, hun mogelijkheden en eventuele aandachtspunten zoals medicatie of gedrag.
  • Communiceer helder en visueel: hanteer een vaste structuur en gebruik pictogrammen en voorbeelden om instructies begrijpelijk te maken.
  • Zorg voor continuïteit: regelmatige deelname is belangrijk. Stem met de gemeente, thuiszorg, wijkverpleging of naasten af om vervoer en begeleiding te regelen en deelname te stimuleren.
  • Train begeleiders voor een dementievriendelijke omgang: gebruik materialen van Alzheimer Nederland of volg trainingen via lokale GGD of sportservicepunten om passend om te gaan met mensen met dementie.

 

Welzijn

Bijvoorbeeld:sociaal werkers, activiteitenbegeleiders en coördinatoren van Ontmoetingscentrum/Odensehuis/Dagbesteding, ambulant begeleiders, mantelzorgondersteuners, huishoudelijke
Als welzijnsprofessional ben je nauw betrokken bij de sociale en recreatieve context van mensen met dementie. Je organiseert groepsactiviteiten, stimuleert deelname, creëert ontmoetingsmogelijkheden en verbindt mensen met passend aanbod in de buurt. Je bent cruciaal in het wegnemen van praktische en psychologische barrières zoals vervoer, onduidelijkheid of angst, en kunt bijdragen aan het vergroten van motivatie en zelfvertrouwen. Met jouw nabijheid en kennis van de lokale infrastructuur kun je beweegactiviteiten toegankelijk en betekenisvol maken.

Praktische tips

  • Organiseer laagdrempelige, herkenbare beweegactiviteiten: denk aan wandelen in de wijk, stoelyoga, tuinieren, dansen op muziek of beweegspellen. Kies vertrouwde locaties zoals buurthuizen of parken.
  • Sluit aan bij interesses en mogelijkheden: gebruik eenvoudige instructies, weinig regels, visuele ondersteuning en zorg voor vertrouwde gezichten. Herkenning en veiligheid zijn essentieel.
  • Werk samen met zorg- en sportprofessionals: stem af met thuiszorg, wijkverpleging, casemanager, gemeente of naasten om vervoer, begeleiding of hulpmiddelen te regelen. Denk ook aan een samenwerking met buurtsportcoaches of andere sportprofessionals.
  • Stimuleer sociale elementen: combineer bewegen met ontmoeting, zoals samen wandelen met koffie na afloop. Bewegen in groepsverband kan de motivatie vergroten en eenzaamheid verminderen.
  • Gebruik lokale netwerken: verwijs naar beweegmaatjes, vrijwilligersorganisaties of initiatieven zoals “Samen Actief” of “Beweegvriendelijke buurt”.

 

Gemeente

Bijvoorbeeld: beleidsmedewerkers, WMO consulenten, wijkregisseurs
Als gemeente heb je een sleutelrol in het creëren van de randvoorwaarden voor een dementievriendelijke samenleving voor mensen met dementie en hun naasten. Je kunt via beleid, infrastructuur en het stimuleren van samenwerking zorgen dat beweegactiviteiten toegankelijk, veilig en aantrekkelijk zijn. Hierbij ligt de nadruk op het versterken van het sociaal domein, verbinden van zorg, welzijn en sport, en het ontwikkelen van dementievriendelijke wijken. Als gemeente kun je ook bijdragen aan preventie, het ondersteunen van naasten en het stimuleren van participatie via lokale initiatieven.

Praktische tips

  • Stimuleer domeinoverstijgende samenwerking: faciliteer netwerken waarin casemanagers dementie, welzijnswerk, sportaanbieders en zorgprofessionals samen plannen maken en uitvoeren voor onder andere beweegactiviteiten. Geef buurtsportcoaches de opdracht en tijd om zich voor mensen met dementie in te zetten.
  • Investeer in een inclusieve beweegvriendelijke openbare ruimte: zorg voor veilige wandelroutes, goede verlichting, rustplekken, toegankelijke parken en duidelijke bewegwijzering – afgestemd op mensen met cognitieve beperkinge
  • Financier vervoer en beweegaanbod op maat: maak subsidies of WMO-budgetten beschikbaar voor vervoer en beweegprogramma’s gericht op mensen met dementie, inclusief scholing van vrijwilligers en begeleiding.
  • Betrek en ondersteun naasten: ontwikkel beleid waarin respijtzorg, lotgenotencontact en informatievoorziening over bewegen expliciet zijn opgenomen.
  • Monitor en evalueer lokaal beleid: verzamel ervaringen van mensen met dementie en hun naasten via participatiepanels, wijkgesprekken of cliënttevredenheidsonderzoeken. Gebruik deze input om beleid bij te stellen.